HET VERHAAL VAN KENSINGTON – NU.NL

In de serie Het Verhaal Van vertellen artiesten wekelijks welke gedachte er achter een nummer zit en hoe hun werk tot stand kwam. Deze week: Youth van Kensington.

http://www.nu.nl/muziek/2306769/verhaal-van-kensington.html

De Utrechtse band Kensington bestaat uit zangers en gitaristen Casper Starreveld en Eloi Youssef, drummer Niles Vandenberg en bassist Jan Haker. Hun debuut Borders verscheen op 16 juli. Youth is de eerste single van het album.
Het nummer is het resultaat van een uitdaging die 3FM de band stelde toen ze nog maar net begonnen waren. “We waren uitgenodigd om binnen een uur een nummer te schrijven.” Vertelt Vandenberg.

“Uit een jam moesten we allemaal dingen halen. Naderhand zijn we in de oefenruimte verder gegaan met die jam en daar is Youth uit voortgekomen.”
Het is een manier van werken die de band graag gebruikt, als we Youssef mogen geloven. “Dat is waar we het beste in zijn, het spelen met zijn vieren. Het jammere is dat je veel dingen weer vergeet. Maar soms ben je bezig en heb je opeens zoiets van ‘dit is goud, dit moeten we gebruiken’.”
“Het is het magische moment dat je elkaar aankijkt en je een glimlach niet kunt bedwingen,” vult Starreveld aan, “dan weet je dat je goed zit.”

Zang
Waar de muziek min of meer vanzelf tot stand kwam, had de zang heel wat meer voeten in de aarde. “We waren urenlang bezig om iets te verzinnen, maar er kwam gewoon helemaal niks uit,” herinnert Youssef zich.
“Op een gegeven moment gaven we het maar gewoon op om de volgende dag weer verder te gaan. Maar toen kwam er opeens iets. Vlak voor ik vertrok, zongen we nog voor de laatste keer iets en toen begon het opeens te rollen. Ik ben nog drie, vier uur gebleven en toen hadden we het.”

Inspiratie
Voor inspiratie voor de tekst greep Youssef terug naar zijn middelbare schooltijd. “Ik kende veel van die mannetjes die allemaal praatjes hadden dat ze een nieuwe auto kregen van hun ouders en dat ze superrijk waren.”
“Vaak was dat niet eens waar, en waren ze gewoon aan het lullen. Toen kwam ik wat mensen tegen die precies hetzelfde deden, alleen dan jaren later. Dat triggerde de tekst.”
“Het gaat gewoon om een bord voor je kop hebben; gewoon niet inzien dat je eigenlijk een sukkel bent,” vat Starreveld samen. “Maar wel op een tragische manier.”